In memoriam: Henk van der Linden, nestor Nederlandse jeugdfilm

Zaterdag 19 december overleed de bekende filmmaker Henk van der Linden (96) uit Hoensbroek. Begin vorige maand belandde hij in het ziekenhuis na een val. Van der Linden kreeg een nieuwe heup. Na revalidatie mocht hij naar huis. Toch bleek hij onvoldoende te zijn hersteld. Hij overleed in zijn slaap.

Vorig jaar december stond de Limburgse cineast en pionier van de kinderfilm Henk van der Linden nog centraal in een gevarieerd programma dat werd aangeboden door regionale omroep L1, CineSud en Filmhuis De Spiegel. Zowel in het Royal Theater Heerlen als op de regionale omroep (radio en tv) werd ruim aandacht besteed aan de cineast. Ook ging een documentaire over Henk van der Linden in voorpremière.

Henk van der Linden werd in 1925 geboren in Hoensbroek, als zoon van een bioscoopexploitant. Zijn eerste film, Richard knapt het op, maakte hij in 1944 op 18-jarige leeftijd. Sindsdien volgden tientallen andere films, waaronder diverse films rondom Dik Trom, Sjors en Sjimmie, Pietje Bell en Billie Turf. Alle films van Henk van der Linden zijn opgenomen in de omgeving van zijn woonplaats Thull in de gemeente Schinnen, waaronder de Brunssummerheide.

Vandaag de dag is Henk van der Linden bekend als de meest productieve filmmaker van Nederland. Hij staat zelfs in het Guinness Book of Records. In de editie van 1994 stond de film Nieuwe avonturen van Dik Trom (1958) als de langstlopende speelfilm in Nederlandse bioscopen. Van 1958 tot het voorjaar van 1987 draaide de film altijd wel ergens in een theater of bioscoop in Nederland. De nestor van de Nederlandse jeugdfilm regisseerde vanaf 1950 meer dan veertig producties, die miljoenen kijkers trokken. 

Henk van der Linden is pas tevreden over een film als de kinderen het goed vinden. De visie van filmcritici en volwassenen interesseren hem minder. Tijdens Cinekid in 2003 werd Henk van der Linden geëerd. Negen Brabantse filmtheaters deden dat opnieuw een jaar later met het kinderfilmfestival Belhamels & Deugnieten. Henk van der Linden kon dit waarderen, maar wilde niets weten van eerherstel, omdat hij vond dat zijn films altijd succesvol waren geweest.

De regisseur krijgt nog regelmatig positieve reacties van liefhebbers van zijn film. In een interview in de Volkskrant meldde hij: "En dat verbaast me, eerlijk ­gezegd. Ik ben er wel trots op, hoor. Ik vind het ook leuk als ik nog word ­gezien als cineast, om het deftig te zeggen."

In de autobiografie van Henk van der Linden, die in 2021 verscheen, beschrijft hij hoe onderduikers in het theater van zijn vader in Hoensbroek onder de ruimte zaten waar het publiek films bekeek. "Dat waren Britse piloten. Daar wisten wij als kind niets van, dat mijn vader in het verzet zat."

Henk van der Linden maakte in 1985 zijn laatste film. Hij werkte jarenlang elke dag twaalf tot veertien uur. De jeugdfilms kregen concurrentie van video. De kinderen van Van der Linden, die regelmatig rollen speelden in zijn films, hadden geen ambitie om verder te gaan met het bedrijf. In Het Parool zegt hij hierover: "Anders was ik misschien wel blijven knokken om het draaiende te houden. Maar ik ga niet tegen beter weten in films maken. Ik deed het omdat ik het leuk vond; het is altijd een hobby gebleven."

Henk van der Linden