Oorlogsverhalen van Piet Muyrers

Auteur
Marcel Neeven

Piet Muyrers (1934) beleefde de oorlog als een groot avontuur. Angst kende hij niet. Als er ergens iets te beleven viel, stond hij er met zijn neus bovenop.

Tijdens de oorlog waren Piet Muyrers en Louis Franssen misdienaars. De Duitse pater Justinus assisteerde pastoor Crombach. De pater ging per fiets de communie brengen bij de zieken op Colmont. De misdienaars gewapend met bel en flambouw zaten beiden, hardop biddend, achter op de grote bagagedrager van de fiets! Bij het verlaten van Colmont werden ze opgeschrikt door het zware bombardement op de mijn Maurits in Geleen. De pater gaf vol gas om weer zo snel mogelijk in de veilige sacristie te komen. De twee misdienaars met rinkelende bel en zwaaiende flambouw, hadden de grootste moeite om op de fiets te blijven zitten! 

Op 5 oktober 1942 wierpen ca. dertig Engelse bommenwerpers tientallen brisant- en fosforbommen, op Geleen, Spaubeek en Beek. Door navigatiefouten werd de verlichte staatsmijn Maurits, aangezien voor de stad Aken! Bij hevige bombardementen zocht de familie Muyrers bescherming in de kelder. Piet Muyrers sr., houwer op de staatsmijn Wilhelmina, had de kelder gestut met palen. Of dat afdoende was, is gelukkig nooit getest!

Rooftocht
Tegen het einde van de oorlog roofden de Duitsers alles wat los en vast zat. Piet Muyrers ontdekte in een Duitse SS Pantserwagen nabij de Vrouwenheide een leren buidel met gouden juwelen! Er waren ook goede Duitsers. Een Duitse soldaat van de verbindingsdienst was ingekwartierd bij de familie Muyrers. Toen het front naderde, was hij op een nacht verdwenen. Als dank liet hij een pakje tabak achter. 

Bevrijding
Het angstigste moment tijdens de oorlog beleefde Piet toen een dag voor de bevrijding een Duitse tank bij boerderij Houbiers hevig werd beschoten door Amerikaanse gevechtsvliegtuigen. Ubachsberg werd bevrijd op zaterdag 16 september ‘44 om 19.00 uur. Op zondagmorgen 17 september reed een Duitse motorordonnans nietsvermoedend de Schoolstraat op. In de bocht Schoolstraat/Kerkstraat, werd hij door een Amerikaan van zijn motor geschoten. 
De 19-jarige Duitser Hugo Hanel bleef daar 2 dagen liggen, het gezicht bedekt met een jas. Uiteindelijk gaf pastoor Crombach toestemming om hem te begraven. Omdat niets over zijn gezindheid bekend was, gebeurde dat in ongewijde grond. De misdienaars Piet en Louis werden door pater Justinus aangewezen om het graf te onderhouden. In 1954 werd Hugo Hanel opgegraven en herbegraven op het Duits oorlogskerkhof te IJsselstein. Dienstplichtig soldaat Jean Klinkenberg was hiervan getuige.
De Duitse Pater Justinus was in de oorlog neutraal. Dat kon niet van alle priesters gezegd worden. De Duitse paters van het Benedictijnerklooster van Mamelis waren pro Nazi-Duitsland. Eind 1944 werden de monniken als ongewenste vreemdelingen over de grens gezet.

Na het Ardennenoffensief werden 3 Amerikaanse militairen bij de familie Muyrers ondergebracht. Frank Müller (een naar Amerika geëmigreerde Duitser), Arthur en nog een derde. Frank Müller sprak goed Duits, zodat de familie Muyrers zich goed met hem kon onderhouden. De derde soldaat was meestal te vinden bij de familie Groven, waar ze een paar aantrekkelijke dochters hadden!

Roekeloos
De Amerikaanse soldaten gedroegen zich vaak als “cowboys” en vertoonden vaak roekeloos gedrag. Zo zijn er na de bevrijding nogal wat onnodige ongelukken gebeurd. Mw. Kerkhofs-Waelen uit de Dael werd aangereden door een Amerikaans voertuig waardoor zij blijvend invalide werd. Zes Amerikanen gleden op een slee de supersteile oude Hulsberg bij Simpelveld af, waarbij een soldaat dodelijk verongelukte. De hel van de Ardennen overleeft en in verloftijd gesneuveld!
Op boerderij Houbiers was een Amerikaanse scherpschutter ondergebracht. In de slachtmaand november kon hij zijn bekwaamheid tonen. Onder grote jeugdige belangstelling schoot hij het “veroordeelde” varken precies tussen de ogen.

Evacuatie Kerkrade
Op 25 september ‘44 begon de evacuatie van Kerkrade en werd het Duitse middenstandsgezin Vos, uit de Nieuwstraat van Kerkrade, ondergebracht bij de fam. Muyrers. Als Duitser moest vader Vos zich elke dag melden bij de Orde Dienst! De zoon van het gezin diende bij de SS en is in de oorlog aan het “Ostfront” gesneuveld.
 
Wraak
Na de 2e WO werden Duitsers woonachtig in Nederland onteigend. Door het huwelijk van hun dochter met een Nederlander kon de familie Vos hieraan ontkomen. Na de oorlog zijn 3691 Rijks Duitsers de grens over gezet. In 1951 werd de staat van oorlog met Duitsland beëindigd.
Hub Keulartz (1935) was tijdens de oorlog meestal te vinden bij zijnde opa-bakker Scheepers. Achter de bakkerij hadden de Duitsers hun veldkeuken. Na de bevrijding werd daar ook de Amerikaanse keuken ingericht. In de bakkerij bakten de Amerikanen hun sneeuwwitte brood. De jeugd vond dit heerlijk in tegenstelling tot het zure Duitse brood wat niemand pruimde. 
Opa Scheepers had als een der eersten op Ubachsberg een auto, merk Opel, bijgenaamd de komkommer. De auto werd door de Duitsers gevorderd. Ze hebben “de komkommer” nooit meer teruggezien. Een verzoek aan de Nederlandse staat om schadevergoeding werd afgewezen.

Bevrijding
Op 16 september bedelden 2 Duitsers bij fietsenzaak Joep Franssen om twee fietsen. De 2 vehikels die hij meegaf, heeft hij nooit meer terug gezien. (Dur bètste Pruus hat inge fiets geklaut!)
Op dezelfde dag stelden de Duitsers een kanon op het kruispunt Kerkstraat/Hunsstraat gericht naar Mingersborg. Smid Zef Franssen en fietsenmaker Joep Franssen moesten vertrekken vanwege het gevaar. Uiteindelijk trokken de Duitsers zich terug in de Putberg. Daar werden ze met Amerikaans geschut bestookt vanaf het Dennenbos. Uiteindelijk gaven zich ca. 40 Duitsers over en werden als krijgsgevangenen in trucks afgevoerd. Een Duitser was in zijn achterwerk getroffen door een granaatscherf. Met ‘n hand hield hij het zaakje op z’n plaats. Op Bevrijdingsdag 16 september om 19 uur liepen de Amerikanen in 2 rijen vlak langs de muren door de Kerkstraat. Oma Keulartz deelde appels aan hen uit. Zoon Mathieu vond dit maar niks, de soldaten vonden dit prachtig.

Open huis
Bij Mathieu en Maria Keulartz was alles mogelijk. 7 Amerikaanse soldaten sliepen op de bovenverdieping, 7 Kerkraadse evacuees op de begane grond en het gezin Keulartz sliep met 9 personen in de kelder! De soldaten aten in hun gaarkeuken bij café Vonken en de evacuees hadden een gaarkeuken bij het patronaat. Het eten van die gaarkeuken was slecht en werd aan de varkens gevoerd. De evacuees konden aanschuiven bij het gezin Keulartz. Door de grote moestuin, enkele mestvarkens en de bakkerij van opa Scheepers, was er aan eten geen gebrek in huize Keulartz.

Souvenirs
Mathieu Keulartz (timmerman) en Cor Willems (schilder bij de LTM), beiden lid van toneelvereniging “Vriendschap en vermaak”, hadden een fantastisch idee. Namelijk het ontwerpen van souvenirs voor de Amerikaanse soldaten. Mathieu maakte miniklompjes en Cor beschilderde ze met rood, wit, blauw. Maria Keulartz maakte er spelden kussentjes in. De Amerikanen vonden ze prachtig. Ze “betaalden” met snoep, etenswaren en sigaretten. Alles werd gedeeld met de buren. De vraag naar souvenirs was zo groot dat de producenten het nauwelijks kregen bijgehouden. 

Lief en leed
Bij de evacuees waren twee knappe jonge dames, Louise en Maria Vroemen. De Ubachsbergse jongeman Frans Bosch, werd verliefd op Louise en is uiteindelijk ook met dit “Kirchröajer maedje“ getrouwd. Een doodzieke Kerkraadse oma is tijdens évacuatie in huize Keulartz gestorven en vervolgens thuis in Bleijerheide begraven.

Crash
Op 29 september ‘44 scheerde een brandende Amerikaanse bommenwerper rakelings over de huizen van Ubachsberg en de houtzagerij Daemen en stortte neer op een akker tussen Ubachsberg en Mingersborg. De piloot, luitenant Robert York, overleefde het niet. Hub Keulartz en Piet Muyrers waren getuigen. Piet heeft zelfs een stukje van het vliegtuig bemachtigt! Nu wordt actie ondernomen om er een gedenkteken te plaatsen. Het hele verhaal is eind dit jaar te lezen in het boek “Ubachsberg tijdens oorlog en bevrijding”.

tekst Marcel Neven 
Werkgroep Ubachsberg,
Heemkundevereniging 
Voerendaal

Piet Muyrers laat een gedeelte van het vliegtuigje zien
Fotograaf
Marcel Neeven